De kanjertraining is leidraad bij het systematisch en dagelijks werken aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen. Al onze leerkrachten zijn gecertificeerd om de kanjertraining te geven. Wekelijks wordt in alle groepen een kanjerles gegeven.

De kanjertraining zetten we in het teken van: We hebben respect voor God, onszelf en anderen. kanjertraining

De vijf uitgangspunten van de kanjertraining zijn:

  • we vertrouwen elkaar
  • we helpen elkaar
  • niemand speelt de baas
  • niemand lacht uit
  • niemand doet zielig

Algemeen
De kanjertraining gaat er vanuit dat mensen verschillende soorten gedrag kunnen vertonen. Je kunt je vervelend, pesterig en bazig gedragen. Dat benoemen we door te zeggen dat je “een zwarte pet” op hebt. Je kunt je ook heel “grappig” gedragen en zorgen dat je constant de lachers op je hand hebt. Dat benoemen we door te zeggen dat je een “rode” pet op hebt. Kinderen kunnen zich ook heel verlegen, teruggetrokken, niet assertief, soms wat “zielig” gedragen. Dan zeggen we dat je een gele pet op hebt. Ook kun je je assertief, stevig gedragen. Dan heb je een witte pet op. Bij de kanjertraining gaat het om 2 dingen. Ten eerste dat je leert herkennen welk gedrag er is en dat kinderen leren dat je je op verschillende manieren kunt gedragen. Iedere vorm van gedrag lokt een reactie uit. We proberen kinderen hiervan bewust te maken en hen verschillende manieren van reageren aan te bieden. Daarnaast gaat het ook om een stuk groepsvorming. In een groep waarin je elkaar kent en het veilig is zal vervelend gedrag (pestgedrag) een stuk minder voorkomen. Het doel van de kanjertraining is duidelijk niet om van alle kinderen hele brave kinderen te maken maar wel om
ze te leren op een goede manier voor zichzelf op te komen en aan te geven wat ze wel en niet prettig vinden.

De petten bij de kanjertraining 

Bij de kanjertraining maken we gebruik van petten. Deze symboliseren een bepaalde vorm van gedrag.

De witte pet: Het gedrag van een kind met een witte pet is “rustig”. Het kind is innerlijk beschaafd; het pest, schreeuwt en scheldt niet maar is behulpzaam en te vertrouwen. Dit kind heeft respect voor zichzelf en voor de ander.

De zwarte pet: Het gedrag van een kind met een zwarte pet op is brutaal. Het kind wil de baas zijn en doet dit door te intimideren, t
e manipuleren, te bedreigen of conflicten op te zoeken. De zwarte pet wil wel alles bepalen maar nergens verantwoordelijk voor zijn.

De gele pet: Het gedrag van een kind met een gele pet op is onopvallend. Het kind wil niet opvallen, is bang, verlegen of stil. Het kind wil erpetten graag bijhoren maar vindt alles eng, bedreigend en beangstigend. Door deze bange, afhankelijke opstelling kan het kind genegeerd of gepest worden.

De rode pet: Het gedrag van een kind met een rode pet is vaak clownesk. Het kind wil opvallen en stelt zich uitdagend op. De rode pet wil erbij horen en doet dit door stoer te doen op een vervelende manier. Kinderen met een rode pet op nemen geen verantwoordelijkheid voor wat ze doen maar wijzen snel naar een ander.

Met de hier omschreven “petten” willen we geen kader geven voor al het gedrag van kinderen. Je bent geen “petje”, je doet op dit moment zo. “Zou je alsjeblieft je witte pet willen opdoen?” Door deze vraag geef je kinderen de mogelijkheid voor ander gedrag te kiezen. In de kanjertraining helpen we kinderen andere gedragsvarianten te ontdekken, uit te proberen, er mee te spelen. De indeling in gedragstypen is niet bedoeld om te diagnosticeren. Soms kan kanjertraining  een kind niet helpen/ Het kan dan zijn dat er iets ernstigs aan de hand is met het kind of rond om het kind. Specialistische hulp is dan noodzakelijk.

Meer informatie kunt u vinden op de site van de Kanjertraining.